Mijn passie

Mijn passie

Vanuit de redactie van de Rûnkranter kwam de vraag of ik een stuk wilde schrijven over mijn werk als kapster en eigenaar van kapsalon ‘Rommy’. Met een aantal van mijn klanten heb ik het gehad over mijn passie ‘schapen drijven’. Deze klanten gaven aan dat het een leuk verhaal zou zijn voor de Rûnkranter. Vandaar mijn keuze voor het schrijven over mijn passie! In de herfsteditie van dit jaar kunnen jullie een stuk verwachten over mij en de kapsalon. Mijn passie is ‘schapen drijven’ met mijn Border Collie. Jullie kennen vast wel de beelden van een zwart-wit hondje dat plat op zijn buik schapen in een bepaalde richting probeert te drijven. Van oudsher is dit een elitesport voor mannen, die zijn oorsprong heeft in Groot-Brittannië. De sport wordt ook in Nederland beoefend. Er zijn wedstrijden waarin de baas en zijn hond kunnen laten zien wat ze kunnen. Deze wedstrijden zijn ingedeeld in klassen en het is natuurlijk de uitdaging om zo hoog mogelijk te eindigen. Maar daarover straks meer. Ik begin bij het begin…. …Mijn passie is begonnen te groeien toen wij vijf jaar geleden onze Border Collie ‘Boefke’ kregen. Ik ben opgegroeid op de boerderij en heb altijd gezegd: “Wanneer ik ook op een boerderij ga wonen, dan neem ik een Border Collie”. Maar die liefde moest nog even wachten. Mijn partner Jentsje Stoker had al een Stabij en wilde daar geen tweede hond bij. Maar naar lang aandringen van mij, is onze ‘Boefke’ er toch gekomen. Een Border Collie is moeilijk moe te krijgen. Zou je een hele dag een bal tegen de muur gooien dan zou deze hond de hele dag door gaan met vangen. En er nog liever dood bij neer vallen dan opgeven. Een Border Collie moet je ‘moe’ maken, of beter gezegd ‘uitdagen’ door mentale oefeningen. Dit geldt ook voor Boefke. Als ik niets zou ondernemen met Boefke, dan zou hij zelf ‘streekjes’ gaan bedenken. Zo liet hij laatst de kalfjes schrikken door samen met de Stabij rondjes te rennen in het stro van de kalfjes. Daar kan ik dan soms wel om lachen, Jentsje natuurlijk wat minder. Met Boefke ben ik drie jaar geleden begonnen aan een training ‘schapen drijven’ in Leek, op Landgoed Nienoord, bij de scheperij. Hier heb ik samen met Boefke elke zondagochtend gewerkt aan een goede basis van het schapen drijven. We kregen les van Mike van der Most. Zo nu en dan had ik het gevoel dat ik nog meer uit Boefke en mijzelf kon halen. Vandaar dat ik het initiatief van Maco Hoogenboom uit Wirdum prachtig vond! Zij heeft Bobby Dalziel uit Schotland uitgenodigd om op ons land een Clinic te geven. Hij had een andere methode dan die ik gewend was in Leek. Zo leerden Boefke en ik weer meer. Door de clinic was ik nog enthousiaster geworden om nog meer te leren en verder te komen met het schapen drijven. Intussen deelde ik mijn passie met vier andere vrouwen. Zij stelden voor om met z’n vijven naar Wales af te reizen om hier een week lang begeleid te worden door Angie Driscoll. Een bekende naam in Engeland als het gaat om schapen drijven. Zij was 2e geworden in Engeland in de hoogste klasse. Wel bijzonder om te vermelden was dat zij eigenlijk 1ste was geworden. Maar omdat zij een VROUW was en niet opgegroeid was in Engeland, werd zij tweede! Ik twijfelde of ik wel mee zou gaan. Jentsje en ik hebben niet veel vakantiedagen, dus de vakanties die we hebben, willen we graag samen doorbrengen. En we hebben er beiden voor gekozen om op een boerderij te gaan wonen, dus wil ik daar ook voor staan! Toen ik aangaf bij de andere vrouwen dat ik eerst met Jentsje moest overleggen, zeiden zij: “Jij gaat wel mee, Jentsje heeft het voor je geregeld!” Dat was een grote verassing! In Wales moest Boefke in een kennel. Dit was zij niet gewend. Wanneer we de honden uitlieten -14 stuks- dan begon Boefke de honden bij elkaar te drijven. Tsja, wat moest ze anders gaan doen? Ze was het niet gewend! Voor mij was het een prachtig gezicht. De dagen waren heel intensief. Angie leerde ons veel. We trainden in een prachtig glooiend landschap. De schapen werden losgelaten en ik moest dan eerst van een kleine afstand - om het goed aan te leren- Boefke instructies geven, zodat hij de schapen langs de goede helling naar de juiste plek begeleide. Later toen het goed ging werd de afstand tussen mij en Boefke groter. Bijzonder was dat ik Boefke eerst omhoog moest leren kijken. Boefke is hier gewend om voor zich uit te kijken. Maar daar in de heuvels waren de schapen soms hoger dan hem, waardoor hij zijn kop op moest tillen. Ook door het kijken naar de anderen leerde ik weer veel. Dit kon ik dan weer later uitproberen met Boefke. In Nederlans is schapen drijven ook een soort van elitesport. De mensen die er komen zijn vaak netjes gekleed. Ik probeer daar zo gewoon mogelijk te zijn, zoals ik ben. De namen van de honden zijn vaak hetzelfde. Een aantal voorbeelden zijn: Cloud, Tess en Max. Onze boefke valt op wat zijn naam betreft. Mensen kennen mij dan ook als ‘de baas van Boefke’. Twee jaar geleden was er iemand die vroeg: “Van welke lijn stamt Boefke af?” Ik antwoorde nuchter: “Van de Border Collie”. Er zijn drie klassen in Nederland: klasse 1, Promotie en Kwalificatie. Met Boefke zit ik nu in de klasse Promotie. Om in deze klasse te komen moest ik een startlicentie hebben voor Boefke. Omdat Boefke nog geen papieren had, moest ik bloed van Boefke opsturen naar Amerika. Hier werd zijn stamboom bepaald. Ook de ogen van Boefke werden bekeken naar erfelijke oogziekten. En er werd een werktest met Boefke afgenomen, waarin hij vaardigheden moest laten zien. Nadat alles goedgekeurd was, kregen we via de isds (een organisatie in Engeland) een stamboom en hiermee kon ik in Nederland mijn startlicentie krijgen voor de klasse van Promotie. In de verschillende klassen worden de afstand tussen baas en hond steeds groter. Ook het parcour is moeilijker. Je moet bijvoorbeeld de groep van vijf schapen uit elkaar halen in twee en drie schapen. Het schapen drijven werkt voor mij verslavend! Elke keer weer een stapje verder komen met Boefke dat is de uitdaging! Maar ook de gezelligheid erom heen is een leuke bijkomstigheid! Mijn droom is om in de toekomst nog een andere hond te gaan trainen. Een hond die meer raszuiver is dan Boefke en waarmee ik hoogstwaarschijnlijk nog verder kan komen dan met Boefke! Rommy van Wijngaarden.

« werom